platform voor gesprek, beelden, ideeën, verhalen

Mede mogelijk gemaakt door
Partners

 

 

Delftse Poort

Op 9 mei 1987 kregen de architecten W.G. Quist, Bonnema, Jo Coenen, Kraaijvanger en Van Mourik de meervoudige opdracht om een voorlopig ontwerp voor het hoofdkantoor van de Nationale Nederlanden te maken. Het programma van eisen vroeg onder andere om twee afzonderlijke kantoorgebouwen van 36.000 m² en 24.000 m² voor de Nationale Nederlanden en haar dochteronderneming RVS. Bovendien moesten een bedrijfsrestaurant, opleiding- en vergadercentrum, huisdrukkerij, sportzaal en dergelijke met 15.000 m² en een parkeergarage voor 800 tot 1200 autos worden gerealiseerd.

Er bestonden meerdere stedenbouwkundige randvoorwaarden: arcades aan het Weena met een hoogte van 7 m en een breedte van 5 m, winkel- en horecafuncties aan de arcades, wandhoogte van 20 m aan het Stationsplein, de locatie zal via de Delftsepoort en/of het Delftseplein ontsloten worden.

Nadat een commissie de ontwerpen had bekeken werd op 5 december 1987 door de Raad van Bestuur bekend gemaakt dat de definitieve opdracht naar Bonnema ging. De hoogbouw van de Delftse Poort paste goed bij de stedenbouwkundige plannen in het gebied. Het gebouw van Nationale Nederlanden is, samen met The Westin, een hotel van het Canadese architectenbureau Webb, Zerafa, Menkes & Housden, de westelijke beëindiging van het Weena en vormt de schakel tussen het Centraal Station en de binnenstad. De blauwkleurige glazen gevels geven de Delftse Poort haar eenvoudige, maar toch statige uitstraling.

De bouw van een parkeergarage voor 1.200 auto's vormde een uitdaging voor de architect; vanwege financiële en praktische (in- en uitrijden binnen één uur) argumenten was een acht verdiepingen tellende ondergrondse garage geen optie. Twee metrotunnels op een diepte van vier meter vormden een extra belemmering. Bonnema koos ervoor om de garage in de vorm van een zwarte doos deels bovengronds tussen de twee torens in te plaatsen. Op deze doos ligt een glazen bol die het bedrijfsrestaurant herbergt.

Bonnema over het ontwerp: "De parkeerfunctie is over twee gescheiden garages verdeeld, een ondergronds en de andere  als een massief ogende plaat op de eerste en tweede verdieping. Een dichte schijf die schijnt te zweven boven de transparante begane grond en die dient als een verhoogde basis voor de overige gebouwdelen: het facilitair bedrijf en twee kantoortorens. Vanaf de hoofdingang in de zuidwesthoek leiden roltrappen de bezoekers en medewerkers naar een beveiligde toegang voor alle afdelingen. Een route die loopt door een hoge, lichte hal met twee ruim bemeten vides die zichtcontact met de stad bieden. Via het open karakter van de hoek Stationsplein/Weena wordt een directe relatie gelegd met het centrum van de stad als correctie op een onlogische stedenbouwkundige structuur. Vanuit de receptie is een paviljoenachtige ruimte zichtbaar met bedrijfsrestaurant, vergaderzalen en recreatieve ruimtes. Een op het verhoogde plateau gelegen kubus huisvest de centrale computer, als symbolisch hart. De beide uit het plateau oprijzende luchtige kantoortorens ontlenen hun constructieve stabiliteit aan expressieve steunberen die Bonnema op de kopgevels heeft toegepast, waarmee tevens een visuele verbinding met de grond tot stand wordt gebracht. De centrale hal is kenmerkend voor de grote, uitnodigende openheid van het gebouw."

Boijmans van Beuningen
Vlak na de opening in 1992 opende het museum Boijmans van Beuningen een dependance onderin het gebouw. Dit om het straatniveau bij het Weena en stationsgebied aantrekkelijker te maken en ook voor het museum om meer contact met de stad te maken.
Helaas werd de dependance geen succes en in november 1993 sloot het museum weer haar deuren.